Recepten

Toko Lo – Wingko Babat

Samen met de mannen van Maker’s District nam ik 3 afleveringen op van korte bakvideo’s. Met als eerste, de Wingko babat. Een koekje gemaakt van kleefrijstmeel wat qua structuur tussen koek en pudding valt. Maar toch een heerlijk knapperige bovenkant heeft. En zachte onderkant, yum!

Wat heb je nodig?
150 gram kristalsuiker
100 gram ketanmeel
200 ml cocos melk
1 ei
50 gram geraspte cocos
1 theelepel vanille extract

Tip:
Wil je een grotere wingko koek maken, verdubbel of verdriedubbel dan de ingrediënten.

Alternatief:
Vervang de kristalsuiker door gula djawa of bruine basterd suiker.
Of voeg een lepel pandan toe. Dan krijg je een groene editie.

Hoe ga je te werk?
Meng de natte ingrediënten met elkaar. Het ei, cocosmelk en vanille extract.
Roer dit door elkaar.
Voeg vervolgens de suiker toe en daarna in delen het ketan meel.
Let op, het ketanmeel kan behoorlijk stuiven zoals poedersuiker op een oliebol.
Roer alles door elkaar.

Dek de mengkom af met folie en zet het voor zo een halfuurtje in de koelkast.
Verwarm in de tussentijd de oven voor op 180 graden.
Bekleed een bakvorm van 15 cm doorsnee met een bakpapiertje.

Haal de folie van de mengkom, roer het beslag even door.
Schenk het beslag in de met bakpapier beklede bakvorm.

Zet de bakvorm in de oven en bak het zo een 40 minuten.
Prik met een saté prikker om te kijken of het stokje er droog uitkomt.
Schrik niet als er een luchtbubbel in het midden ontstaat tijdens het bakken.
Deze zakt vanzelf in. Je kunt de oven dan bijstellen, zodat de bubbel niet knapt.
Zo voorkom je een scheur in de koek.

De koek stolt nog wat door na het bakken.
Hij hoort van boven een knapperig korstje te hebben en van onder zachter te zijn.
Niet gortdroog, houd de oven dus goed in de gaten tijdens het bakken.
Check de oven na 30 minuten even.